Rubriek: PROFESSIONEEL


Inhoud rubriek Professioneel

Deeltijds werk voor vrouwen: wie is de vragende partij?
Update: 11 maart 2004

Van thuiswerken naar micro-onderneming
Terrein afbakenen, uzelf ernstig nemen en keihard werken
26 januari 2004

Vrouwen in ICT:
de curiosa van de high tech
14 januari 2004

Dossier Zelfstandig Ondernemende Vrouwen
Vrouwelijk ondernemen heeft een eigen stijl
18 december 2003

Media door de mangel'
Debat over evenwichtige beeldvorming m/v
7 november 2003


Het onderwijs vervrouwelijk...
22 mei 2003

Vind de weg in je eigen vrouwenbrein
12 mei 2003

De transparante werkelijkeid van het glazen plafond.
28 maart 2003


Woman matters more... is een uitbreiding van de elektronische nieuwsbrief 6minutes woman matters

 

 

Update: 11 maart 2004

Deeltijds werk voor vrouwen: wie is de vragende partij?

Van 15 procent naar ruim één op vijf, is het aandeel deeltijds werkenden in de afgelopen tien jaar gestegen. En inderdaad, daar hebben vrouwen alles mee te maken: 41 procent van hen werkt parttime. Mannen die geen volledige werkweek rond maken vormen de uitzondering: slechts 5 procent.
De hamvraag is dan: zijn vrouwen happy met die situatie?
De werkgelegenheid is voor een groot deel naar de dienstensector verschoven en de deeltijdarbeid groeide daarin mee. Ook in de non profitsector van gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening, waarin heel wat vrouwen werken, is een op twee jobs een deeltijdbaan.
(foto: Double Lounger van Versus by Tribu)
Voor veel vrouwen heeft tijd een grotere waarde dan geld...

In vergelijking met vijftien jaar geleden is het aantal deeltijds werkenden in Vlaanderen toegenomen met zo'n 270 000. In dezelfde periode zijn er ook zo'n 300 000 werkende vrouwen bijgekomen. De toegenomen vraag naar deeltijdse arbeidskrachten loopt dus parallel met de vervrouwelijking van het arbeidsaanbod. Vraag en aanbod sluiten echter niet altijd naadloos op elkaar aan. Een deel van de parttimers heeft daar alvast niét voor gekozen.

Waarom werken vrouwen deeltijds?

In de jaarlijkse Enquête naar de Arbeidskrachten (EAK) van het Nationaal Instituut voor de Statistiek (NIS) wordt aan de deeltijdse werknemers gevraagd naar de belangrijkste reden waarom ze parttime werken.
Verbazend maar waar: jonge vrouwen tussen 15 en 24 jaar werken al veel vaker deeltijds dan mannen: 22 tegen 8 procent. Zij geven dikwijls (42 procent) aan dat zij 'geen voltijdse job kunnen vinden'. Dat heeft tot op zekere hoogte te maken met arbeidsmarktsegregatie: vrouwen studeren, werken en zoeken werk in andere beroepen en sectoren dan mannen, sectoren als diensten en zorgverstrekking waarin met name deeltijdarbeid meer voorkomt.

Bij de 25- tot 49-jarigen is het man-vrouwverschil extreem: 42% van de werkende vrouwen heeft een deeltijdbaan tegenover 3% bij de mannen.

Bijna 70% van de vrouwelijke deeltijders tussen 25 en 50 jaar verklaart dat voor hen de 'combinatie werk en gezin' de belangrijkste reden is waarom ze geen voltijdse baan hebben. Het gaat in hoofdzaak om vrouwen die voor hun kinderen willen zorgen. Goed een derde van de mannen geeft dezelfde reden op maar 40 procent van hen heeft een andere motivatie.

Bij de 50-plussers gaan meer vrouwen en mannen het wat rustiger aandoen: de groep deeltijds werkende mannen loopt op tot 9 procent al blijft deeltijdarbeid ook in deze leeftijdsgroep vooral een zaak voor vrouwen (54%). Een kwart van de vrouwen met een deeltijdbaan 'wenst geen voltijds uurrooster' meer. De 'combinatie werk en gezin/privé' is steevast voor de meeste vrouwen de belangrijkste reden om deeltijds te werken. Blijkt dus dat als de kinderen op eigen benen staan ze toch weer anderen onder hun vleugels nemen: 'andere persoonlijke of familiale redenen' heet het dan. Maar een op vijf geeft andere redenen aan dan de combinatie gezin en arbeid kiest misschien wel voor zichzelf.

Wie is blij met deeltijds werk?

In België bestaat geen bron om te achterhalen wie echt deeltijds wenst te werken en voor wie het een noodoplossing vormt. Enkel van de deeltijders die geen voltijds werk vinden of wensen weten we of ze onvrijwillig dan wel vrijwillig deeltijds werken. Van alle anderen (77% van de deeltijders) weten we het niet. Vooral over het vrijwillig karakter van de deeltijdarbeid bij vrouwen die werk en gezin combineren lopen de meningen sterk uiteen, stelt het Steunpunt WAV. 'De enen zien deeltijdarbeid hoofdzakelijk als een onvrijwillige 'keuze', opgelegd aan vrouwen omwille van hun huishoudelijke 'verplichtingen'. Anderen stellen integendeel dat voor de grote meerderheid van vrouwen met een partner deeltijdarbeid net een vrijwillige keuze is. Bij gebrek aan cijfers neemt het Steunpunt WAV aan dat de waarheid ergens in het midden ligt. Feit is dat de taakverdeling tussen partners er nog steeds dikwijls vrij traditioneel uitziet en vrouwen hun professionele ruimte moeizaam bevechten. Behalve die vaststelling is er een recent onderzoek van marktonderzoekbureau Datamonitoring waarin vrouwen te kennen gaven dat tijd voor hen een grotere waarde vertegenwoordigt dan geld. Misschien kan ook dit gegeven mee het antwoord op de vraag invullen?

Bron: Steunpunt Werkgelegenheid Arbeid en Vorming


Update: 26 januari 2004

Van thuiswerken naar micro-onderneming

Terrein afbakenen, uzelf ernstig nemen en keihard werken

Thuis werken lijkt in het verlengde te liggen van thuis zijn. Een kapitale fout: professioneel thuiswerken vergt een professionele attitude, een degelijke uitrusting en tal van vaardigheden. Vooral vrouwen willen profiteren van de vlottere combinatiemogelijkheden tussen werk en gezin maar zij zijn de eersten om in de valkuilen van thuiswerken te trappen. De cursus 'Hoe word ik freelance thuiswerker in 36 uur' geeft informatie over kansen en risico's.

Foto's: Collectie P'tit Cai'lle

De cursus 'Hoe word ik freelance thuiswerker' die in opdracht van de Vlaamse Gemeenschap en het Europees Sociaal Fonds werd georganiseerd door Markant/Cezov i.s.m. Het Nationaal Instituut voor Thuiswerkers en hun Opleidingen, Pajamanation en de Nederlandstalige Vrouwenraad kon slechts 132 cursisten, waaronder toch 7 mannen, opvangen terwijl meer dan duizend mensen zich hadden ingeschreven.
Een teken aan de wand dat de overheid wel brood ziet in zelfstandig ondernemen en dat velen thuiswerken zien als een ultieme springplank naar een professionele bezigheid. Niet moeilijk te begrijpen in deze hachelijke economische tijden. Van de ex-cursisten is 27 procent werkloos en de helft heeft een bediendestatuut. Het element 'thuis' vormt dan ook een aantrekkelijk argument. Twee op drie van wie de cursus beëindigde heeft kinderen en voelt veel voor de professionele thuisbasis.

Denken, twijfelen, aarzelen

Niet dat alle ex-cursisten zich naar het ondernemingsloket snellen om het statuut van zelfstandige aan te vragen. Sinds de afloop van de lessenreeks in het najaar van 2003 startte slechts een derde ook effectief met een eigen zaak.
,,Een gezonde twijfel'', meent Christine Van Nuffel van Markant. De cursus is een reflectiemoment. De formule trekt heel wat mensen aan maar het is nuttig om eerst de dromen aan de werkelijkheid te toetsen. 'Wat wil ik precies doen' is trouwens de allereerste vraag waaraan heel wat would be zelfstandigen blijven haperen, zo blijkt uit gesprekken met ex-cursisten. Sommige vooropleidingen, bv. grafisch vormgever, leiden regelrecht naar een afgebakend domein. Maar een historicus kan tegelijk veel en weinig kanten op. 'Cybersecretaresse, helpdeskmedewerker, proofreader, vertaler, het is slechts een greep uit voorbeelden van functies waarvoor bedrijven mogelijk free lance medewerkers inschakelen en waar micro-ondernemers een niche kunnen vinden. Maar competentie en 'graag doen' moeten hand in hand gaan want wie zelfstandig werkt dient vele uren rond te maken.
Het statuut van zelfstandige is een andere hinderpaal, de stap naar sociale bijdragen en het gebrek aan een gegarandeerd inkomen schrikken terecht af. 'Occasioneel bijverdiener' of 'zelfstandige in bijberoep' zijn modaliteiten die de kloof iets minder diep kunnen maken.

Amateurisme vs. professionalisme

Klanten werven vraagt actieve prospectie en opvolging. Een punt waar kandidaat thuiswerkers zich dikwijls ronduit passief opstellen en op goed geluk vertrouwen. Ook bij een tariefberekening leggen ze de lat vaak te laag. Het is zaak om werkelijk alle onkosten in rekening te brengen en een redelijke vergoeding voor tijd en competentie te vragen. Daarmee komt men onvermijdelijk bij de marktprijs terecht.
Wanneer wordt het menens, vraagt een thuiswerker zich af. Loont het de moeite om mezelf goed te installeren, kan ik al investeren in infrastructuur en de essentiële telecommunicatie? Geen concessies doen, zo luidt het antwoord. Wie vanuit zijn huiskamer bedrijfje speelt, verraadt zichzelf door amateurisme.
Ook is het noodzakelijk om de eigen lacunes met de kennis van anderen aan te vullen, om een onderscheid te maken tussen kernactiviteit en ondersteunende taken die eventueel kunnen worden uitbesteed aan anderen die daar hun specialiteit van maken. Op die manier krijgt u ook een klankbord. Thuiswerkers hebben nu eenmaal geen collega's die hen feedback geven.
Geen collega's betekent ook opperste concentratie en een optimaal rendement tijdens de werkuren. Tenzij...

Sluitstuk

...tenzij het privé leven voortdurend op de loer ligt. ,,Het gevaar dreigt dat toekomstige thuiswerkers hun werktijd rond hun privé-activiteiten plannen'', bevestigt Michel Piedford van Pajamanation. ,,Terwijl traditionele bedienden en arbeiders het absoluut normaal vinden dat ze hun vrije tijd rond hun arbeidstijd bouwen.'' Tijd uittrekken om de kinderen van school te halen is één zaak, de hele dag door beschikbaar zijn is niet de bedoeling .
Thuiswerkers moeten zich zo installeren dat de familiale beslommeringen niet voortdurend in het oog springen. ,,Mijn kantoortje kijkt uit op mijn drooglijn'', getuigt een cursiste, ik denk dat het geen ideaal vertrekpunt is voor een zelfstandige activiteit.'' Bureau verhuizen dus. Maar het is niet minder belangrijk om de knop in uw hoofd om te draaien, van privé naar professioneel. Wie zijn doelstellingen heeft omlijnd, is minder geneigd om er van af te wijken.
Het is makkelijker om de stofzuiger links te laten liggen dan de mensen die u omringen. Misschien is het zelfs nodig ze even te bruuskeren wanneer ze om de haverklap bij u binnenlopen met het idee dat u toch thuis bent en dus tijd hebt. Een thuiswerker houdt op het sluitstuk te zijn van andermans noden, hij heeft zonder meer zijn eigen agenda. En zijn éigen stek. Niets is vervelender dan kinderen die uw werk gewoon even aan de kant schuiven en zich voor uw pc installeren om te chatten of hun mail op te halen. Op de werkplek hangt een persoonlijke werksfeer en die moet worden bewaard.
De thuiswerker doet er goed aan in de identiteit van de micro-ondernemer te stappen. Onvoorwaardelijk!

Brochure 'Zo word je thuiswerker' kan worden aangevraagd bij:
www.pajamanation.be 
www.nito.be 
www.markantvzw.be 


Update: 14 januari 2004

Vrouwen in ICT: De curiosa van de high tech

Vrouwen met een technisch verstand en dito belangstelling zitten gebeiteld in de ICT-sfeer. Het is immers prettig werken in een dynamische sector die bovendien steeds naar stevig gekwalificeerde mensen uitkijkt. Hoe komt het dan toch dat vrouwen in die werkomgeving opvallen als zeldzame parels opvallen?

Een op drie ICT-bedienden is een vrouw

Drs. Elke Valgaeren, assistente aan het Limburgs Universitair Centrum, bereidt een doctoraatsproefschrift voor over de genderaspecten in het loopbaanverloop in de ICT-sector. Daartoe deed ze o.m. in de lente van vorig jaar een schriftelijke enquête bij ICT-bedrijven met meer dan 10 werknemers, dit om informatie te verzamelen (aanvullend bij de RSZ-cijfers en de gegevens van Trends top 100.000) over de verticale seksesegregatie. Met andere woorden, hoe vrouwen en mannen over de verschillende professionele niveaus in ICT-werkomgeving zijn verspreid.

Nieuwe arbeidsverhoudingen

Volgens Valgaeren voorspellen sommige kenmerken van de ICT-sector dat zijn glazen plafond nog ondoordringbaarder is dan in andere sectoren. Daartoe rekent ze het numerieke overwicht van mannen, de mannelijke bedrijfscultuur en de grote flexibiliteit die in de sector wordt gevergd. Maar zoals wel meer is het een kwestie van perceptie en dus laten andere karakteristieken ook andere voorspellingen toe: de sector is dynamisch en nieuwe arbeidsverhoudingen, ook tussen vrouwen en mannen krijgen volop kans. Bovendien is er een tekort aan ICT-geschoolden waardoor bedrijven naar vrouwen uitkijken.

Op de arbeidsmarkt werken 40 procent vrouwen en 60 procent mannen. Een op twee bedienden is een vrouw. Van alle beleidsmensen, directeuren en bedrijfsleiders is 30 procent vrouwelijk en zeventig procent mannelijk. Met als constante dat vrouwen het beter doen in kleine dan in grote bedrijven.

538 bedrijven kregen Valgaerens enquête toegestuurd en de onderzoekster kreeg een respons van 23 procent. In het totaal ging het om bijna 10.000 bedienden, 6.724 mannen en 3.070 vrouwen. Krap één op drie bedienden is een vrouw. (Meer dan uit de RSZ-cijfers blijkt, waar 25,6 procent van de bedienden in de ICT vrouwelijk is.)

10 procent van ICT-bedrijven heeft evenwichtige sekseverdeling

Slechts 4 van de 124 aan de enquête meewerkende bedrijven hebben meer dan 60 procent vrouwelijke bedienden, beter dan de sekseratio op de algemene arbeidsmarkt (50/50). Bij een derde van de bedrijven is een op vijf bedienden een vrouw en in de helft van firma's werken minder dan 25 procent vrouwelijke bedienden. Iets meer dan 10 procent van de bedrijven heeft een min of meer evenwichtige seksespreiding. Het grootst aantal vrouwen werkt in de subsector van de dienstverlening: bv. software-ontwikkeling of IT-consultancy.

Weinig vrouwen met technische bagage

Twee derden van de bedienden zijn hooggeschoolden met een universitair diploma of een hogeschool diploma van één of twee cycli. Van de mannelijke medewerkers is 69 procent hooggeschoold, voor de vrouwen is dat 60 procent.
Een op twee hooggeschoolden hebben een technisch diploma: licentiaat informatica, A1 informatica, licentiaat wetenschappen, burgerlijk ingenieur of industrieel ingenieur. Hier tekent zich een opvallend verschil tussen vrouwelijke en mannelijke medewerkers af. Want van alle hooggeschoolde mannen heeft 54 procent een technisch diploma terwijl dat bij vrouwen slechts 40 procent is.
Die verhouding is een weerspiegeling van de opleidingen die jonge vrouwen en mannen volgen: in 2000 was slechts 13 procent van alle studenten toegepaste informatica (één cyclus) vrouwelijk en in de universitaire opleidingen was dit aandeel nog kleiner.

Glazen plafond met verschillende diktes...

In bijna een vierde van de bedrijven is de sekseratio gunstiger voor vrouwen in het managementteam dan bij de bedienden: ze stromen vlotter door dan hun aantallen in het bedrijf zouden doen vermoeden. In bijna 70 procent van de bedrijven is de situatie omgekeerd: vrouwen zijn in verhouding minder vertegenwoordigd bij de leidinggevenden dan bij de lagere echelons. In een kleine dertig procent van de bedrijven is er dus géén glazen plafond.

Bo Coolsaet over vrouwen en mannen:
,,Vrouwen willen beïnvloeden, mannen willen macht uitoefenen.''

44 procent van de bedrijven draait zonder één vrouwelijke leidinggevende.
Slechts een vijfde van alle projectleiders zijn vrouwen waarmee deze ICT-ers gunstig afsteken tegen de rest van de arbeidsmarkt. De Trends top-100 000 leert dat over alle sectoren heen amper 5 procent vrouwen als projectleider functioneert.

... of te weinig instroom

Van alle leidinggevende functies wordt 18 procent door een vrouw ingenomen. . Daarvan zit 54 procent op de stoel van de HR-manager en 46 procent doet het financieel beleid. De verkoop wordt slechts door 12 procent vrouwen geleid. Vrouwen zitten dus meer dan mannen in ondersteunende functies en stromen minder door naar functies waar contact met de klant is ingebakken. Voor die laatste jobs blijkt de weerstand tegen een atypische aanwerving het grootst, concludeert Valgaeren.
Gezien de lage algemene sekseratio 1/3 heeft de doorstroom in de ICT-sector veel met de instroom te maken. Als slechts een minderheid van vrouwen zich met een technische vooropleiding aanbiedt, dan is ook slechts een kleinere groep op technische functies toegespitst. In de diepte-interviews met ICT-bedienden werd ook geopperd dat medewerkers zonder technisch diploma minder vlot naar de top doorgroeiden.


ICT, een kwestie van belangstelling, niet van gender

Een mentale klik, dat is wat vrouwen nodig hebben om in de informatie- en communicatietechnologie terecht te komen. De ICT-werkomgeving schreeuwt om diversiteit. Vrouwen zijn heel hard nodig om zich feilloos op de markt af te stemmen en de sector wéét dat. Met lede ogen ziet die dan ook aan dat slechts een minderheid jonge vrouwen voor een technische opleiding kiest. Te saai en te moeilijk, zo klinkt een hardnekkig vooroordeel. En toch, vrouwelijke ICT-ers stralen vooral enthousiasme en ambitie uit. Een samenspraak tussen ADA en ICT-rolmodellen.

Waarom is het aandeel van vrouwen zo klein in de ICT-sector?

De ICT-medewerksters kunnen enkel vaststellen dat er minder jonge vrouwen dan mannen in een technische richting afstuderen. Die vrouwen vloeien dan nog vaak af naar de zachtere sector van het onderwijs en daarvoor wijzen de ICT-ers het traditionele rollenpatroon als boosdoener aan.
De ICT-sector wordt nog steeds als een macho-omgeving gezien waarin freaks en programmeurs de toon zetten en waar lange werkdagen de regel zijn. Vandaag is het moment om die perceptie bij te stellen. Jonge kinderen, zowel meisjes als jongens, spelen met nieuwe technologie. Ze hebben internet en GSM in de vingers, de kloof tussen hen en de technologie is nu al overbrugd. Jonge kinderen kunnen dus volop worden gestimuleerd om van hun interesse hun studie en hun werk te maken.
Wat de werksfeer betreft, bevestigen de vrouwelijke ICT-ers dat ze in een jonge industrie werken waarin een snelle groei werd gerealiseerd.

Bo Coolsaet over de peacock man:
,,Meer en meer vluchten mensen in werk en overdrukke vrije tijdsbesteding. Het bezorgt hen een vals zelfwaardesysteem wat niet anders kan dan uitmonden in een identiteitscrisis. Niet zelden komen ze met een depressie in mijn spreekkamer terecht.''

Vooral mannelijke medewerkers gingen mee in dat elan, ze lieten hun status bevestigen en werden van de nodige ornamenten (forse bedrijfswagens e.d.) voorzien. Maar vrouwen hebben zelf ook schuld aan hun geringere zichtbaarheid. Ze stellen zich te bescheiden op, ze pakken niet uit met hun sterkten en vergeten tijd te maken om hun PR te verzorgen.

Waarom zou een grotere vrouwelijke aanwezigheid positief voor de sector uitpakken?

Ook een ICT-bedrijf moet een spiegel van de samenleving zijn. Een onderneming moet een zinvolle plaats in de maatschappij innemen en daarom is diversiteit op vlak van leeftijd, gender en ras belangrijk.

Bo Coolsaet over de samenleving:
,,Te weinig liefde houdt ons samen, de maatschappij valt uit elkaar in ongestructureerde groepen en we raken in de greep van wantrouwen, agressie en angst. We moeten de samenleving van onderuit herstructureren. Dat begint bij de koppeling van de partners die de verantwoordelijkheid voor de kinderen dragen. Want dat is een fundamenteel recht van kinderen.''

Bovendien moet er een balans zijn tussen de vaardigheden die vrouwelijke en mannelijke medewerkers in huis hebben. Een gemengd team kan een adequaat antwoord op de vragen van de klant formuleren. Een bedrijf moet bij aanwerving dan ook meer oog hebben voor de soft skills.

Bo Coolsaet over vrouwen en mannen:
,,Mannen hebben geen oog meer voor het mysterie van de vrouw.''

De soft skills van vrouwen, hun emotionele intelligentie vormen essentiële ingrediënten van een team. Luisteren, een precieze analyse van een klantenprobleem maken, daar komt het op aan. De tijd van de hard selling is voorbij.

Wat doen bedrijven om meer vrouwen aan te trekken?

In een aantal bedrijven oefent het topmanagement druk uit om de visibiliteit van vrouwen te verbeteren. In enkele firma's worden quota gehanteerd om een vooropgesteld aandeel vrouwen in bedienden en management te doen belanden. Maar daarvan is lang niet iedereen voorstander. 'Je zult maar de vrouw zijn die een managementfunctie krijgt omdat een quotum moet worden gehaald', is de grote vrees. Vrouwen willen om intrinsieke factoren als kennis en kunde worden ingeschakeld en niet omdat het bedrijf wil scoren. Ze leggen liever het parcours af van opleiding en een uitdagende job. Dat zijn ook de wapens die ondernemingen hanteren om vrouwen in de sector te houden.
In een ICT-job gaat heel veel tijd en energie zitten. Het evenwicht tussen werk en privé moet dan ook worden bewaakt, iets wat even goed voor mannen geldt, zo vinden de vrouwelijke ICT-medewerkers.

Bo Coolsaet over de privécontext:
,,Het huwelijk is een systeem dat door mannen is uitgevonden om de mannelijke dominantie te installeren en hun vrouwen vast te houden. Maar vandaag kunnen partners in gelijkwaardigheid voor elkaar kiezen. De gelijkwaardigheid zorgt voor een balans, beide zijn afhankelijk van elkaar.''

In de sector komt het evenwel op resultaat aan, niet op lange werkdagen. Daarbij kan telewerk een essentiële rol spelen. Inloggen op de portable en je bent volop operationeel, een welkome oplossing als je bijvoorbeeld voor een ziek kind thuis moet blijven.

Bo Coolsaet over kinderopvang:
De eerste drie levensjaren zijn bepalend voor de identiteit van een persoon. De binding van het kind met de moeder moet worden doorbroken, kinderopvang is daarom een zegen en een verrijking voor het kind.''

Deeltijds werk en ouderschapsverlof voor vrouwen en mannen zijn in de sector goed aanvaard, zo menen de ICT-vrouwen. Het is wel belangrijk dat mannen op precies dezelfde manier als vrouwen worden behandeld; ook zij moeten de kans krijgen om hun kinderen van school op te halen! De enige manier om een loopbaan niet door bepaalde patronen te laten bepalen.
Kinderopvang in bedrijven, decentralisering om aan het mobiliteitsprobleem te ontsnappen, een bedrijf moet zich pragmatisch opstellen om het mensen mogelijk te maken het beste van zichzelf te geven.

Bo Coolsaet over liefde:
,,Het gaat over twee individuen die elk hun identiteit bewaren en toch gedeeltelijk fusioneren. Je wordt/bent gedeeltelijk de ander. Een liefdesrelatie is niet volkomen romantisch, conflicten zorgen voor de dynamiek in de verbintenis.''

Digitale dagen
Op 20, 21, 23 en 24 januari organiseert het ADA-project 'Vrouw en nieuwe technologie' de Digitale Dagen in zowel Brussel als Antwerpen. Het virtuele netwerk ADA maakt dan een fysieke ontmoeting van belangstellenden en actieven in de IT-sector mogelijk. Thema's zijn o.m. nieuwe technologie en werkplaats, leven en kunst. Meer info op www.digitales.online 

bronnen:
'Het glazen plafond in de ICT-sector'. Resultaten van een enquête bij Vlaamse ICT-bedrijven met meer dan 10 mensen. Onderzoeker Elke Valgaeren, promotoren prof.dr. Magda Michielsen (UIA) en prof.dr. Mieke Van Haegendoren (LUC)

Seminarie georganiseerd door TMAB en Businees ICT:
'Vrouwen in ICT: 100 % compatibel',
Sprekers drs. Elke Valgaeren, Limburgs Universitair Centrum en uroloog, androloog dr. Bo Coolsaet
Debat, moderator Corine Vanhellemont (UIA en ADA) met Carmen Cordier (Telindus), Lut Wilms (PSINet), Sigrid Vandenhoutte (Hewlett-Packard), Vera Janssens (Siemens), Ulla Franz (Computacenter), Els Demeester (Techdata) en Ineke Rampaert (Microsoft)


Update: 18 december 2003

Dossier Zelfstandig Ondernemende Vrouwen

Vrouwelijk ondernemen heeft een eigen stijl

Vrouwelijke ondernemers leiden dikwijls eerder kleine bedrijven die lokaal zijn gericht. Dat heeft te maken met hun waarden en tijdsbesteding. Eerder willen ze uitmunten in het werk dat ze afleveren dan een groot prestigieus bedrijf uit te bouwen. Ze zijn behoorlijk intrinsiek gemotiveerd.

Behalve dat combineren ze dikwijls hun zaak met een gezin. De tijd aan zorg die ze besteden gaat af van het werk voor de zaak. Toch werken de meeste vrouwen meer dan 40 uren per week, een flink aantal onder hen stopt zelfs 50 tot 60 wekelijkse werkuren in zijn zaak. Dikwijls kiezen vrouwen voor zelfstandig werken om aan autonomie en flexibiliteit te winnen, hoewel hun werkuren niet verminderen.

Uit het onderzoek naar vrouwelijk ondernemerschap in België, langs Vlaamse kant uitgevoerd door SEIN (Sociaal Economisch Instituut van het Limburgs Universitair Centrum) blijkt dat de meeste onderneemsters uit de steekproef een hoog diplomaniveau hebben, graduaat, hogeschool of universiteit en de nodige ervaring in hun activiteitssector. De meeste respondenten waren trouwens ouder dan veertig jaar. Vrouwen met een diploma middelbaar onderwijs namen meestal een familiebedrijf over terwijl de hooggeschoolden dikwijls een eigen zaak opstarten.
Bij de meeste van hen heeft de partner een grote invloed op hun keuze.

Wat investeringen betreft, zijn ze huiverig om het gezinsbudget op losse schroeven te zetten, reden waarom ze minder bereid zijn om risico te lopen of uit te breiden.
Hun stijl is eerder mensgericht en participatief. Niettemin zouden de verschillen qua managementstijl van vrouwen en mannen eerder klein uitvallen en zeker zijn ze beide even effectief.
Tenslotte zijn vrouwen zelf nog dikwijls te bescheiden. Hun eigen mentale programmering is soms minimaal wat zich weerspiegelt in de bescheidenheid van hun zakelijk initiatief.


Booster voor ondernemingsklimaat

Droom komt in beeld

Om de welvaart veilig te stellen mikt de overheid duidelijk op 'entrepreneurship', nieuw en bestaand.

Minister Vanderpoorten wil aan de tanende ondernemingszin verhelpen door 'ondernemen' in de eindtermen op te nemen. Ze wil zelfsturing en creativiteit in basis en secundair onderwijs stimuleren en op vrijwillige basis stages organiseren op elk niveau van de leercarrière. Niets te vroeg want op dit ogenblik worden leerlingen en studenten vooral voor conformerend gedrag beloond en daardoor afgestemd op bestaande functies binnen bestaande ondernemingen. Ondernemen heeft alles te maken met het visualiseren en realiseren van een 'droom'. Entrepreneurship komt niet uit de lucht gevallen eenmaal de opleiding is afgerond, het is een attitude die moet worden gevoed. Ervaren ondernemers onderstrepen tevens dat het weinig zin heeft om ondernemerszin te laten opborrelen als het feitelijke klimaat mensen nog steeds afschrikt.

Verantwoord risico

Een aantal steeds weerkerende problemen worden aangekaart als het gaat over gezond starten. Er is een gebrek aan informatie en een overdaad aan administratieve rompslomp. Unizo, de Unie voor Zelfstandige Ondernemers is een pleitbezorger voor meer vorming en begeleiding van starters onder de vorm van begeleiding door een KMO-expert. Een betere sociale zekerheid voor zelfstandigen en een betaalbare financiering moeten van ondernemen een verantwoord risico maken.
Voor vrouwen duiken nog bijkomende knelpunten op. Voor de financiering van vrouwenzaken, zowel wat start- als groeikapitaal betreft, zijn bankinstellingen wel eens minder toeschietelijk voor onderneemsters. Het kan te maken hebben met het feit dat vrouwen dikwijls in diensten en handel actief zijn en weinig pand bezitten om tegenover een lening stellen.
Omdat vrouwen eerder zelden op een meewerkende echtgenoot kunnen rekenen, slechts 6 procent van de meewerkende partners zijn mannen, moeten ze sneller betaalde medewerkers inschakelen.

Ondernemers vliegen voor vrouwen

Maatschappelijk gelden nog steeds vooroordelen tegenover de vrouwelijke zelfstandige. Ze wordt maar aangemoedigd op voorwaarde dat haar gezin er geen 'offers' voor moet brengen. Met andere woorden, binnen het gezin moet alles mooi in de plooi vallen of de schuldige wordt snel aangewezen.

Voor de zelfstandig ondernemende vrouw die moeder wordt dringen zes weken vergoede moederschapsrust zich op. Ook zouden overheidsstimulansen inzake aanwervingen voor vervanging en assistentie voor jonge moeders-ondernemers welkom zijn. De 'vliegende ondernemers' van Cezov (Centrum voor Zelfstandig Ondernemen) interimmanagers met kennis van zaken, kunnen hier en in geval van ziekte een oplossing bieden. Onderneemsters zijn ook vragende partij voor flexibele kinderopvang.
Anderzijds stelden Unizo en Markant naar aanleiding van de vrouwendag op 11 november ll. dat de vrouwenbeweging realistische verwachtingen moest koesteren. Recht op 5 à 10 dagen onbetaald verlof voor vrouwen die in KMO's werken lijkt hen niet haalbaar omdat zoiets de werkorganisatie en continuïteit in het gedrang brengt. Ook deeltijdse contracten, waarvan de vrouwenbeweging geen voorstander is voor vrouwen omdat die hen in een precaire arbeidssituatie kunnen brengen, blijven voor KMO's een handig instrument, zo heet het bij de zelfstandigenorganisaties.

Vrouwelijk ondernemen in cijfers

Inhaalbeweging van vrouwelijke zelfstandigen

Voor economische groei en jobcreatie mikt de overheid o.m. op zelfstandig ondernemers. Natuurlijk wordt er ook richting vrouwen gekeken: bijna één op drie ondernemers is een vrouw of 229.580 vrouwen op een totale populatie van 788.073 zelfstandigen. Ter vergelijking, bij elke tien werknemers zijn er vier vrouwen en zes mannen. Het aandeel van zelfstandige vrouwen in het totaal is groter dan de 19 procent vrouwelijke managers op het totaal aantal leidinggevenden in dienstverband in de Belgische bedrijven en zeker dan de 6 procent vrouwen op niveau van algemene directie. Wat prof. dr. Veerle Draulans, coördinatie van genderstudies aan de KULeuven, eerder deed opperen dat vrouwen wel eens de zelfstandige toer opgaan om aan het glazen plafond te ontsnappen.
Vrouwen maken trouwens een inhaalbeweging. De 19.408 vrouwelijke starters zijn goed voor 37,68 procent van de 51.510 nieuwe bedrijven. Daarmee situeren Belgische ondernemende vrouwen zich boven het gemiddelde in OESO landen want daar maken vrouwen slechts 28 procent van de starters uit. Zelfstandig werkende vrouwen zijn vooral terug te vinden in de handel (32 procent), de vrije beroepen (37,96 procent) en de diensten (39,82 procent).

Intellectuele beroepen: vrouwen bepalen mee het landschap

Eén op vijf zelfstandigen oefent een vrij beroep uit. Het gaat om 161.116 beroepsbeoefenaars en 350.000 mensen die in de sector werken.
De sector is sterk vervrouwelijkt, meer bepaald voor 40 procent. In bepaalde vrije beroepen is een op twee een vrouw; de helft van paramedici, advocaten, apothekers en artsen zijn vrouwen
Het gemiddeld inkomen van de beoefenaars van vrije beroepen liet een lichte stijging noteren tot 30.861 euro. Vrouwen verdienen evenwel minder dan mannen, respectievelijk 20.406 euro tegen 36.428 euro.

Amazing Advertising

Een toevallig vrouwelijk reclamebureau

Dat ze een eigen zaak zou opzetten, wist Kristien Hansebout al toen ze vijftien was. Amazing Advertising, het vrouwelijk bemand reclamebureau dat ze runt, is dan ook een samenspel van een creatieve strategie, hard werken en hier en daar een gelukkig toeval.

 Het Amazing Advertising team deelt in zijn vrije tijd een passie voor avontuur maar zakelijk overheerst vrouwelijk flegma.

,,Na mijn opleiding communicatiewetenschappen aan de K.U.Leuven werkte ik wel degelijk in dienstverband voor reclamebureaus. Toch voelde ik altijd heel sterk dat ik mijn werk zelf in handen wou hebben'', vertelt Kristien Hansebout.,,Dus gooide ik me zelfstandig in de strijd. Ik telefoneerde van de ochtend tot de avond en ging op prospectie bij mogelijke klanten. Punt is, als je nog niks realiseerde, geen klant in portefeuille hebt, dan moet je met je eigen overtuiging anderen overtuigen. Durf en inzet werden beloond want zoetjesaan kwam de zaak op gang.''

Zelfde spirit

,,In die fase had ik vormgevers in huis die op hun beurt op zelfstandige basis voor mij werkten, een formule die niet lang houdbaar blijft omdat je in onze branche op een stevige dosis loyaliteit moet kunnen rekenen, zowel wat beschikbaarheid als wat de exclusiviteit van het werk betreft. Dus nam ik mensen in dienst. Ik heb op geen enkel moment gedacht, het moéten vrouwelijke medewerkers zijn, het was mij meer om de spirit te doen. Het moest klikken en we het was belangrijk eenzelfde gedrevenheid te delen. En op dat punt zit het goed in ons team. Veel collega's werken deeltijds maar als ze op kantoor zijn telt hun aanwezigheid voor de volle honderd procent. We vangen veel voor elkaar op, een vrouwenteam kan niet om flexibiliteit heen. We werken bij pieken heel hard door en leunen even achterover in kalmere periodes die we echter niet zo gek veel beleven.''
Acht vrouwen en één man telt Amazing Advertising. Die laatst bijgekomen persoon nam vorig jaar een deel van de beleidstaken uit Kristiens handen. Want zelf wil ze bij de core business blijven en het contact met de klanten bewaren.

Op verhaal komen

Het moet vast prettig werken zijn binnen de muren van Amazing Advertising, een nieuwbouw pand aan de rand van Leuven, dat gelegen is midden in een woonbuurt.

,,We hebben het huis zelf gebouwd en er onze filosofie ingemetseld. Wie hier werkt of op bezoek komt, moet een weldadig gevoel hebben. Voor klanten betekent dat het besef van 'hier zitten we relax, hier kunnen we rustig praten en wordt naar ons geluisterd'. Medewerkers genieten dan weer van een soort huiselijkheid die vele andere kantoren vreemd is. Ook de tuin wordt benut, 's zomers vergaderen we regelmatig rond de vijver en praten er met klanten projecten door.''
Een huis om op verhaal te komen. ,,Een noodzaak'', meent Kristien, ,,ons vak is niet zo licht als het soms lijkt. Mensen denken wel eens dat we campagnes, grafisch, beeld- en tekstwerk, moeiteloos uit onze mouw schudden terwijl het stuk voor stuk het resultaat is van veel denk- en vakwerk. Vooral met de actuele communicatietechnologie lopen opdrachten dikwijls op het ultieme ogenblik binnen. Hoewel het creatieve proces natuurlijk even veel tijd vergt als vroeger.''

Haarfijne communicatie

Amazing Advertising heeft een gamma klanten in de diensten- en industriële sector. Vaak gaat het om een zakelijke materie die naar de doelgroep moet worden vertaald. Niet altijd een romantisch verhaal. ,,Het is me om de effectiviteit van de communicatie te doen'', vertelt Kristien. ,,Misschien zijn sommige klanten uit 'mannelijke' sectoren wat sceptisch als ze voor het eerst met een 'vrouwelijk' bureau werken. Maar meestal beseffen ze snel dat we juist heel goed kunnen luisteren, dat we nauwgezet bij hun boodschap blijven en meedenken op welke manier we die zo goed mogelijk bij hun doelgroep kunnen overbrengen. Vrouwen kunnen dat, ze letten op tal van randverschijnselen die de sfeer van een bedrijf bepalen: het kantoor, de inrichting, de huisstijl, de omgangsvormen... Het zijn even zoveel elementen waarop je je kunt baseren om de context te bepalen waarin de opdrachtgever zijn communicatie situeert.''

Cash én fun!

,,Zelfstandig ondernemen is risico nemen, iedere dag opnieuw. De verantwoordelijkheid voor de medewerkers weegt wel eens door, er zijn ook perioden waarin de wereld jouw zaak meer bepaalt dan dat je er zelf de hand in hebt. De Irak-crisis is daar slechts het meest recente voorbeeld van.
Mij laat de zaak dan ook nooit los, zelfs 's nachts niet. Ik kan ze enkel uit mijn hoofd fietsen, op mijn mountain bike, tot de modder rond mijn oren spettert.
Aan de andere kant, we hebben het in ons bedrijf niet over cash flow maar over fun flow, de cijfers staan niet voorop als we werken. We houden ontzettend van de job en van de steeds terugkerende uitdaging. Als de klant de vooropgestelde return of meer op zijn en onze campagne haalt, zijn wij dik tevreden.''
Amazing Advertising vindt u ook op www.amazing-advertising.be

Netwerken voor vrouwen

Netwerken wordt wel eens verwaarloosd door onderneemsters, precies omdat ze voortdurend tijd tekort komen. Het rendement ervan is nochtans niet te onderschatten, menen netwerksters met ervaring, het is een prettige manier om op informele basis know how uit te wisselen en contacten te leggen. ,,Omdat je als vrouwen onder elkaar opener bent'', getuigt Karin Zoons, interieurarchitecte en zaakvoerder van Satrima, speciaalzaak voor winkelinrichting. ,,Mannen doen soms alsof er bij hen nooit iets mis loopt. Het was dan ook een verademing toen ik bij Artemis met vrouwelijke ondernemers rond de tafel zat en ervaringen kon uitwisselen: over successen én missers en twijfels.''
Vrouwelijke ondernemers verwijten hun mannelijke collega's ook wel vaagheid, ze spreken zo wollig dat je je gewoon niks kunt voorstellen bij wat ze vertellen. Wij zijn direct en spelen elkaar concrete informatie door, stellen ze.

Enkele netwerken voor vrouwelijke ondernemers:

Centrum voor Zelfstandig Ondernemen (Cezov)
Markant
Artemis: Netwerk voor ondernemende vrouwen, hogere kaderleden en vrije beroepen
www.markant.be/cezov 

Belgische Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfsleiders
www.fcem.org 

Sofia, managementcursussen voor en door vrouwen aan het Limburgs Universitair Centrum (LUC)


Trade Fashion

Bedrijfskleding: de kleren maken de zaak

Van directeur tot hostess, op het autosalon draagt iedereen een pak(je) van Trade Fashion. ,,Het is ongemeen boeiend om op die manier mee het gezicht van een groots evenement mee te mogen bepalen'', vindt zaakvoerder van Trade Fashion, Frits Bresseleers.

Frits Bresseleers, zaakvoerder van Trade Fashion en voorzitster van de Belgische Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfsleiders

Niet minder dan een uitdaging is het ook, telkens opnieuw, om medewerkers van klanten in te pakken. ,,Mensen moeten zich goed in hun vel voelen om hun job te doen. De kleding, dat herkennen we allemaal, beïnvloedt je stemming. Ze maakt je blij of haalt je humeur naar beneden. Dus komt het erop aan een outfit te bedenken waarin mensen zich lekker voelen, vlot bewegen én de zaak uitstraling geven. Vrouwelijke klanten hebben er plezier in om hun eigen job even opzij te zetten en met ons mee te denken.''

Op een smaakvolle manier in de kijker te lopen

De bedrijfskleding is een belangrijk aspect van de huisstijl en moet aan een aantal criteria voldoen: herkenbaar zijn bijvoorbeeld. Het 'uniform' onderscheidt de bezoeker van de medewerker. ,,De medewerker moet opvallen in de menigte en wél op een smaakvolle manier'', vertelt Frits Bresseleers. ,,Een kanariegeel pakje ligt voor de hand maar oogt natuurlijk potsierlijk. In het oog springen moét maar wel in stijl. Bedrijfskleding moet tegelijk flitsend en neutraal zijn.
Bovendien moet je origineel uit de hoek komen, seizoen na seizoen en voor iedere klant iets anders verzinnen. Afgezien van mode tendensen die zich om de zoveel jaar herhalen natuurlijk.

Stof zoek

Vijftien jaar geleden zette Frits Bresseleers, toen moeder van vier jonge kinderen, Trade Fashion op. Tal van gerenommeerde bedrijven als Kinepolis en Randstad mag ze nu tot haar klanten rekenen.
Ondernemen is risico dragen, weet Frits Bresseleers. En altijd beschikbaar zijn. ,,Je kunt nooit eens uitblazen en vertrouwen op de goede afloop. Want als je je dat veroorlooft, loopt het gegarandeerd mis. Een partij stoffen gaat verloren in de zending bijvoorbeeld, maar de dead line blijft behouden. Als de leverancier niet supersnel een nieuwe partij kan verzenden is het alle hens aan dek om een alternatief voor de bestelde stoffen te vinden.''

Nooit anders gezien

Waarom mensen zich in een zakelijk avontuur storten? ,,Ik denk dat ondernemers vaak mensen zijn die nooit wat anders hebben gezien'', meent Frits Bresseleers. ,,Ik kom zelf uit een ondernemersfamilie. Mijn grootmoeder werkte mee in het industrieel bedrijf van haar man en ondernam talloze zakenreizen. Mijn eigen moeder heeft zich enkel met haar gezin bezig gehouden maar dat vind ik nog altijd pure verspilling. Het was een bijzonder getalenteerde vrouw die mijn zaak steeds vanaf een afstand heeft opgevolgd.
Zelf is Frits Bresseleers klaar voor een nieuwe passie: in een pand in Antwerpen start ze een haute couture zaak op. Om de heel persoonlijke stijl van individuen vorm te geven.
Trade Fashion vindt u ook op www.tradefeshion.be 


Belgische Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfsleiders

Spiegel voor vrouwelijke ondernemers

Ondernemen kan een eenzame bezigheid zijn, vooral voor vrouwen. Want netwerken schiet er vaak bij in vanwege tijdgebrek. Niettemin is het ook voor zakenvrouwen zalig én noodzakelijk om zo nu en dan bij soortgenoten te zijn.

Doorleefde kennis

De Belgische Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfsleiders verzamelt een tweehonderdtal vrouwelijke zakenvrouwen. De vereniging dateert van 1945, niet toevallig vlak na de oorlog, toen heel wat vrouwen weduwe van een zakenman waren geworden of tijdens de oorlog bewezen zakelijke verantwoordelijkheid aan te kunnen. Niet zelden ging het om industriële bedrijven. Vandaag is de internationale vereniging behalve in België in veertig landen actief.

,,Het gaat hem om het spiegeleffect'', vertelt Frits Bresseleers, voorzitster van de Belgische Vereniging van Vrouwelijke Bedrijfsleiders (VVB), om de herkenning, het uitwisselen van concrete ervaringen. Zo van '...dus jij zit met hetzelfde probleem en hoe pak jij dat nu aan?'
Vooral starters hebben veel aan de know how van ervaren onderneemsters, hun steun en hun doorleefde kennis is goud waard. Het doet goed om een idee door te praten met doorgewinterde vrouwelijke ondernemers en een bemoedigend woord van hun kant, laat een wereld van mogelijkheden open gaan.''

Groeipijnen

,,De financiering blijft een moeilijk punt voor wie begint, de feedback van starters wijst op niet gek veel verandering sinds de tijd waarin ik begon'', vergelijkt Frits Bresseleers. ,,Maar de behandeling van je dossier hangt heel erg af van de contactpersoon in de financiële instelling. Wij aarzelen dan ook niet om onze kennis over vrouwvriendelijke banken te delen. In de toekomst wil ik - naar Frans model - via onze vereniging een samenwerking uitbouwen met een specifieke 'bank voor vrouwelijke bedrijfsleiders'. Ook binnen de Kamers van Koophandel bestaat een platform voor financiering van startende ondernemingen.
Een jonge onderneming beleeft een nieuw pijnpunt als ze groeit. De vraag 'personeel aanwerven of niet' bezorgt heel wat bedrijfsleiders slapeloze nachten.
Ook vragen over internationaal of in EU-verband zakendoen kan onze vereniging gericht beantwoorden omdat we deel uitmaken van een internationale organisatie.

Halt aan de schuldgevoelens!

De ondernemer moet zonder meer voortdurend beschikbaar zijn en is altijd aan de slag. Het went: de berg die steeds opnieuw opdoemt, kun je ook altijd weer overwinnen door systematisch je taken af te werken, weet Frits Bresseleers. En het gezin dan? ,,Heel wat jonge moeders voelen zich onnodig bezwaard omdat ze hun kinderen in opvang onderbrengen. Laat de schuldgevoelens varen'', raadt de ervaren moeder en zakenvrouw hen aan. ,,Je doet hen daarmee niets tekort en je kunt het via quality-time weer goed maken. En je geeft je kinderen natuurlijk een mooi voorbeeld.'' (Een mening die door prof. dr. Coolsaet wordt bevestigd. ,,Contacten met andere kinderen zijn een verrijking en de moeder-kind band moet worden opengetrokken'', liet hij onlangs weten op een lezing voor professioneel superactieve vrouwen.)


Statuut van de meewerkende echtgenote: een anachronisme uit de wereld

94 procent van de meewerkende echtgenoten zijn vrouwen. Tot voor kort betaalde de meewerkende partner geen enkele sociale bijdrage met als gevolg dat ze geen enkel sociaal recht opbouwde. Daar kwam begin dit jaar verandering in: in een eerste fase is een vrijwillige aansluiting bij het sociaal statuut voor zelfstandigen mogelijk. Vanaf 2006 wordt dat verplicht en dekt dit dezelfde sociale rechten als die van de zaakvoerder: pensioenen, gezinsbijslagen, ziekteverzekering.

Bronnen: Voorstel van resolutie ter ondersteuning van vrouwelijk ondernemerschap van Sabine de Bethune (CD&V) december 2002
Prof. Mieke Van Haegendoren bij de voorstelling van de onderzoeksresultaten van het Dianeproject, Europees onderzoek naar vrouwelijk ondernemen, op de conferentie 'Vrouwen & Ondernemen' ingericht door o.m. Cezov, Markant, Equal.
Persberichten Unizo.


Update: 7 november 2003

'Media door de mangel'

Debat over evenwichtige beeldvorming m/v

Media zijn verantwoordelijk voor de beeldvorming. Als het een mannenwereld is, heeft die ook de beeldvorming in handen.

In de marge van de boekenbeurs ging een aantal mensen die in de media werken een debat aan over 'evenwichtige beeldvorming m/v' in kranten, televisie en reclame. Els De Bodt, cultuurredactrice bij 'Het Belang van Limburg' stelt vast dat ook in haar krant vrouwen op 'zachte' sectoren zitten en mannen bepalen wat nieuws is en wat de voorpagina haalt. Vrouwen kijken op een andere manier naar nieuws en zouden een andere selectie doorvoeren. Maar om in die positie te komen, worden ze gehinderd door het mannenwereldje dat de media nog steeds vormen. ,,Een krant wordt 's avonds gemaakt'', stelt De Bodt en het is niet evident voor een vrouw om dat soort professioneel leven met een gezin te combineren.'' Om nog maar te zwijgen over het 'jongens onder elkaar' sfeertje dat na het redactiewerk op café wordt beleefd.
Een werkstijl die mannen evenmin goed uitkomt, meent Flip Feyten, coördinator beeldvorming en diversiteit bij de VRT. Als vrouwen en mannen allebei uitkijken naar een leuker leven naast hun loopbaan, is dit de kans om elkaar te vinden.

Journalist en sfeerschepping

Luc Van der Kelen, hoofdredacteur van 'Het Laatste Nieuws' vindt dat vrouwen gewoon geen vragende partij zijn om zich meer en deskundiger in beeld te werken. Er zitten weliswaar heel wat vrouwen in zijn redactie maar het zijn mannen die de leiding nemen. ,,Het zou beter zijn indien de vrouwen wat meer over de redactie verspreid waren, ze hebben andere interesses en op die manier zou de krant beter de sfeer in de maatschappij weergeven.

Ook in de reclame bepalen mannen het dominante beeld, weet Katja van Putten van het vrouwelijk communicatiebureau Fé. Vrouwen moeten mooi zijn, als mannen in beeld komen, telt dat criterium niet mee. De vergrijzing zal daarin verandering brengen, meent van Putten. Trouwens uit onderzoek blijkt nu al dat vrouwen veel liever 'echte' vrouwen zien dan kunstmatige babes.

Politiek puur

Niet enkel wat de keuze van onderwerpen betreft pakken vrouwen het anders aan. Ook in de behandeling ervan verschillen ze van mannen. In de 'zachte' sectoren worden vaak achtergrondartikels gebracht waarin verschillende standpunten aan bod kunnen komen. Een gelegenheid dus om aan genuanceerde berichtgeving te doen. Maar ook waar vrouwen, zoals o.m. bij de VRT-radio redactie, de actualiteit volgen, doen ze dat anders dan mannen, vindt Van der Kelen. ,,Als je goed oplet, merk je dat vrouwen zich aan de politiek 'an sich' houden terwijl mannelijke journalisten wel politieke spelletjes durven te spelen.

Onderzoek van de Universiteit van Gent:

Eén op vijf krantenjournalisten is een vrouw

De universiteit van Gent voerde een enquête uit waaraan ruim duizend Vlaamse journalisten meewerkten.
Volgens het recentst beschikbare cijfer is slechts 27,7 procent van de medewerkers in de Belgische media vrouwelijk. In de ons omringende landen is dat 33 procent.
Kranten worden voor 20,9 procent bevrouwd.
Onderzoekster Mieke De Clerq stelt dat van de vrouwen die opleidingen communicatie en journalistiek afronden geen evenredig aandeel in het beroep instroomt. Als ze in de media belanden maken vrouwen moeilijker promotie en groeien ze minder door naar leidinggevende functies. Vrouwen met een gezin stappen dikwijls uit het beroep omdat de combinatie niet haalbaar blijkt.

Die vaststelling moet worden afgezet tegen de gemiddelde anciënniteit van alle journalisten die op 11 jaar ligt. Niet echt een job voor het leven dus. In het algemeen scoren Vlaamse journalisten goed wat jobsatisfactie betreft. Al tillen ze wel aan het hoog aantal werkuren en de druk waaronder ze presteren. Een doorsnee journalist werkt wekelijks 46,5 uur waarbij overuren niet extra worden vergoed. Een kwart van de journalisten werkt free lance, vooral bij hen drukt de werkonzekerheid.

In Wallonië is er een aanzienlijk ruimere participatie van vrouwelijke journalisten'', merkt hij in zijn werkterrein op. De stelling 'De krant is nog altijd een meneer' spreekt hij niet tegen maar vrouwen zullen haar volgens hem evenmin ontkrachten.

Een job voor singles

Sonja Spee van het Steunpunt Gelijkekansenbeleid leerde uit buitenlands onderzoek over vrouwen in het vak dat het dikwijls om singles gaat en dat vrouwen ook meer op eindredactie zijn terug te vinden.
De Bodt wil ook kwijt dat ze minder verdient dan haar mannelijke collega's die precies hetzelfde werk doen. Al zijn er ook verschillen in de verloning van mannen onderling. Bovendien moeten vrouwen hun deskundigheid voortdurend demonstreren, stelt ze vast.
Een ervaring die Katja van Putten herkent. ,,Ook wij moeten, meer dan de mannen in huis, harde bewijzen op tafel leggen dat we strategisch kunnen denken en onze dossiers beheersen.''

Ervaringsdeskundige/professionele expertise

Het vademecum 'Zeg niet te gauw, er is geen vrouw' moet voorkomen dat als automatisme steeds mannen worden opgeroepen om van hun deskundigheid te getuigen, zegt Feyten. Wat niet belet dat in alle soorten van programma's meer mannen dan vrouwen te zien zijn: 70 procent tegen 30 procent. Dat blijkt uit Europees vergelijkend onderzoek 'Who speaks at television'. In televisiejournaals is het verschil nog groter: 80 procent tegen 20 procent. Bovendien: als vrouwen al gehoord worden is het vaak als 'ervaringsdeskundige', een wezenlijk andere inbreng toch dan die op basis van professionele expertise.
,,Ook in reclame worden vrouwen als minder geloofwaardig ingeschat'', getuigt van Putten. Zelfs buiten beeld en puur auditief moet een vrouw het qua overtuigingskracht afleggen tegen een man: een mannenstem overtuigt, een vrouw verleidt.

Imagoprobleem

,,Vrouwen zijn helemaal niet bezig met zich als groep te manifesteren'', ervaart Luc Van der Kelen. ,,Ze zien niets meer in het feminisme precies omdat ze zich op individuele kracht willen realiseren.'' Klopt'', zegt van Putten, ,,ze brengen hun eigen salaris mee, ze dragen mee de kosten in het gezin en vooral, ze geven hun eigen invulling aan het vrouw -zijn. Tot ze merken dat de combinatie van al hun taken toch niet zo simpel is en er structurele obstakels zijn. Jonge vrouwen hebben een heuse afkeer van de term feminisme, veel minder van de denkbeelden die erachter zitten.''
Dat de media een achterhaald en stereotiep beeld van de vrouwenbeweging ophangen, daarover is iedereen het eens. ,,Er zijn nochtans tal van subgroeperingen die garant staan voor evenzoveel varianten'', stelt Spee.
Om de aversie van jonge vrouwen voor de vrouwenbeweging te overwinnen moet die haar imago actualiseren, meent van Putten van Communicatiebureau Fé. Want een imago dat komt van twee kanten.

Debat georgansieerd door: Vrouwenraad, Fonds Pascal Decroos, Steunpunt Gelijkekansenbeleid.


Woman Matters More # 4
22 mei 2003

Leerkracht van het jaar, niet één maar allemaal!

Een origineel verkiezingsresultaat is het als niet één leerkracht wordt uitverkoren maar alle genomineerden de titel delen. Hun prijs heeft trouwens een symboolwaarde voor alle leerkrachten in heel Vlaanderen: hun onderwijs wordt naar waarde geschat. Vorige week zette het onderwijstijdschrift Klasse de kroon op hun werk.

Klasse is organisator van de wedstrijd 'Leerkracht van het Jaar'. Meer dan duizend nominaties stroomden binnen, vooral vanwege leerlingen en ouders maar ook van collega's. Elke leeftijd was vertegenwoordigd, van piepjong over ervaren tot leerkrachten aan de vooravond van hun pensioen. De meeste genomineerden hadden er evenwel geen flauw idee van dat ze op die prettige manier werden geviseerd en nog minder wisten ze wie voor hun nominatie tekende. De complete verrassing belette hen niet om fier en ook een tikkeltje ontroerd te zijn. Al vinden ze dat ze 'gewoon hun werk doen'. En dan is er nog het team waarin ze werken, melden ze bescheiden. Dat maakt veel mogelijk zodat de individuele leerkrachten weinig of geen persoonlijke verdienste in rekening brengen.
De enthousiaste respons op de wedstrijd 'Leerkracht van het Jaar' sluit aan bij de grote dosis vertrouwen die het onderwijs in het algemeen in Vlaanderen krijgt, zoals beschreven in 'Vlaanderen gepeild', een uitgave van de Vlaamse Gemeenschap. Van alle instellingen, dat wil zeggen ver voor politiek-bestuurlijke instellingen, partijen en gerecht, krijgt onderwijs het meest vertrouwen van de Vlaamse populatie. Bovendien groeit het vertrouwen nog: van 68 procent vijf jaar geleden tot 72 procent twee jaar terug en 77,7 procent vorig jaar. Ook in het buitenland haalt onderwijs geen betere cijfers.

Hoe veelzijdig de job van leerkracht is, blijkt uit het in elkaar vloeien van de categorieën. Leerkrachten konden worden genomineerd in de categorieën lesgever, opvoeder, begeleider, organisator, onderzoeker, vernieuwer maar ook omwille van kwaliteiten als democratisch zijn, cultureel geïnteresseerd, eerlijk, warm en humoristisch. De meeste genomineerde onderwijsmensen doorbreken evenwel de categorieën en zijn volgens hun supporters all round sterke persoonlijkheden.

Het onderwijs vervrouwelijkt... laat dat sporen na?

Misschien was ze er niet helemaal gerust in, misschien verhoopte ze positieve verschillen. Vlaams minister van onderwijs Marleen Vanderpoorten gaf aan de vakgroep sociologie van de Vrije Universiteit Brussel opdracht uit te zoeken hoe het gesteld was met de effecten van de feminisering van het onderwijs. En de onderzoeksgroep TOR kwam tot de bevinding dat er géén uitgesproken onderscheid is tussen prestaties en attitudes van jongeren naargelang ze door vrouwelijke of mannelijke leerkrachten worden begeleid.

In de basisschool zijn de juffen duidelijk in de meerderheid en dat is ver van een nieuw verschijnsel. De vervrouwelijking van kleuter- en lager onderwijs dagtekent van in de 19 de eeuw.
Niettemin, hoe hoger het niveau van het onderwijs, hoe minder vrouwen er zijn terug te vinden. Met als extreem voorbeeld de 6,8 procent vrouwelijke gewoon hoogleraren die in het universitair milieu doceren. In het secundair onderwijs klom het aantal vrouwen tussen 1990 en 2001 gestaag van 49 procent naar 56 procent en sinds 1993 staan er meer vrouwen dan mannen voor het groene bord.

Leerkracht progressiever dan de gemiddelde Vlaming

In het algemeen verschilt het waardepatroon van de Vlaamse leerkracht van dat van de modale Vlaming. Zowel mannen als vrouwen profileren zich als meer verdraagzaam, meer solidair en minder individualistisch. Vrouwen en mannen zijn progressiever dan de gemiddelde Vlaming. De attitudes van onderwijsmensen zijn haast 'vrouwelijk' te noemen, zo stelt het rapport.
De jobaspiraties van onderwijsmensen hebben ook minder met macht en aanzien te maken en ook extra-legale voordelen laten hen relatief onberoerd. Vrouwen en mannen zijn gesteld op werkzekerheid en op de tijdsindeling die een baan in het onderwijs met zich meebrengt. Die combinatiemogelijkheden van werk en gezin trekken zoals de cijfers in het beroep en de lerarenopleidingen uitwijzen in toenemende mate vrouwen aan, wat een onrechtstreekse indicator is voor wie zich nog steeds eindverantwoordelijk voor het gezin acht. Maar ook zien vrouwen het onderwijs zitten omdat het hen de gedroomde kans biedt om met mensen om te gaan.
Als er zich al verschillen aftekenen tussen vrouwelijke en mannelijke leerkrachten dan zijn die eerder miniem. Mannen stellen zich toch een tikkeltje meer individualistisch op, tonen zich vaker etnocentrisch en autoritair en hebben een duidelijker voorkeur voor repressie.
Als het over de school gaat beoordelen vrouwen de pedagogische en organisatorische doeltreffendheid van de school positiever dan hun mannelijke collega's dat doen. Ze stellen zich ook positiever op tegenover collega's en zijn meer verdraagzaam.
Opvallend: mannelijke leerkrachten stellen dat je niet te ver moet gaan in het tonen van emoties en evenmin in het rekening houden met de gevoelens van de leerlingen.
Vrouwen én mannen vinden dan weer dat waarde-opvoeding een taak van de school is en voelen meer voor een persoonsgerichte dan wel een vakgerichte aanpak.
Opmerkelijk is dat vrouwelijke leerkrachten doorgaans hoger gekwalificeerd zijn dan hun mannelijke collega's. Ze genoten meestal een ASO-opleiding en komen vaker dan mannen het onderwijs binnen na universitaire studies gekoppeld aan een aggregaatsdiploma.
Leidinggeven is in het secundair onderwijs nog steeds overwegend een mannenzaak, twee derde van de scholen hebben een mannelijke directie. Er is volgens een Nederlandse studie nochtans niets mis met de ambitie van vrouwelijke onderwijsmensen om het roer in handen te nemen. Maar bij Vlaamse vrouwelijke leerkrachten primeert blijkbaar nog steeds de bekommernis om het onderwijswerk met het gezin te combineren. In Vlaanderen werkt namelijk drie vierde van de vrouwelijke leerkrachten deeltijds. Zoals de kaarten nu liggen vormt dit geen goed entreekaartje voor een zware directiefunctie die bovendien almaar met administratieve en pedagogische verantwoordelijkheden wordt uitgebreid.
Vrouwen worden nochtans als heel competent ingeschat om een school te leiden. Wanneer zij het doen heerst er een betere sfeer en vindt het team dat de school haar pedagogische en organisatorische doelstellingen vlotter haalt. Een vrouwelijke directie is ook soepeler, regels worden bespreekbaar.

Wiskunde als indicator

Om de invloed van de schoolse prestaties te meten, gingen de onderzoekers na hoe leerlingen het vak wiskunde verwerkten en hoe het bisgedrag zich aftekende.
Blijkt dat vrouwelijke leerkrachten er evenmin in slagen om van wiskunde het lievelingsvak van de meisjes te maken. Evenmin scoren jongens slechter voor wiskunde wanneer een vrouwelijke leerkracht hen de principes bijbrengt. Met andere woorden er is geen verschil tussen vrouwelijke en mannelijke leerkrachten meetbaar. Ook het bisgedrag wordt niet door begeleiding van vrouwelijke of mannelijke leerkrachten beïnvloed.
Wat attitudes betreft heeft de gender van de onderwijskracht op meisjes al helemaal geen effect. Voor de jongenspopulatie zou dat wél het geval zijn voor vijf op de achttien houdingen. Vrouwelijke leerkrachten hebben dus meer invloed op attitudes dan op cognitieve prestaties. Jongens zouden onder begeleiding van vrouwelijke leerkrachten een minder positief zelfbeeld hebben en een meer negatief toekomstbeeld. Ook hebben ze een lagere arbeidsethiek, een verschil dat doorheen het onderzoek het sterkst standhoudt.
Anderzijds zijn er ook positieve verbanden: vrouwelijke leerkrachten zouden een minder traditionele visie op rolpatronen bij de jongens uitlokken of bekrachtigen. Tenslotte en niet in het minst belangrijk voelen jongens zich beter in hun vel in de les bij een vrouwelijke leerkracht.
Hoe dan ook, er is nog verder studiewerk nodig om tot sluitende conclusies te komen. Zoals het er na dit onderzoek uitziet zijn de verschillen tussen vrouwelijk dan wel mannelijk onderwijs minimaal en moeten ze gerelativeerd worden, benadrukt het rapport.
Meer op www.vub.ac.be/TOR 


Woman Matters More # 3
12 mei 2003

Vind de weg in je eigen vrouwenbrein!

Weinig menselijke karakteristieken zijn op de keper beschouwd een vast gegeven. Ons brein blijkt dat allerminst: door het intensief te gebruiken en goed te verzorgen kunnen we het laten uitblinken! Wat meer is, dat vrouwen de wereld een beetje anders beleven dan mannen heeft o.m. met hun specifieke hersenstructuur te maken. Daar kunnen we in heel wat levensdomeinen ons voordeel mee doen.

We leven onder de maat. Toch als we in rekening nemen dat een gemiddeld mens slechts één procent van zijn leerpotentieel benut. Hoe dat zit?
Hersenen bestaan uit miljoenen cellen of neuronen. De neuronen sturen berichten naar elkaar via lange vertakkingen. Alleen, die vertakkingen raken elkaar niet: als de boodschap aan het eind van een vertakking is aanbeland moet ze per overzetbootje naar het uiteinde van een andere vertakking varen. De neuronen maken hun chemische bootjes zelf aan: neurotransmitters zijn piepkleine hoeveelheden van substanties die in de hersenruimte worden gebracht. Als ze niet meer worden gebruikt nemen neuronen hun neurotransmitterbootjes ook weer terug, door ze los te laten en weer terug te nemen houden ze de juist geachte hoeveelheid neurotransmitters beschikbaar. Serotonine is een heel belangrijke voorkeurneurotransmitter. In welbepaalde omstandigheden krijgt de neurotransmitter echter een iets andere lading en beïnvloedt die de communicatie in de hersenen, de kleur van de boodschap zeg maar. Wat bijvoorbeeld verklaart waarom verliefde mensen echt in de zevende hemel vertoeven...
illustratie: www.brainplace.com

Meer verbindingen maken intelligenter

...en ze een heel goede reden hebben om niet te hard na te denken. Nochtans is het door de hersenen te gebruiken, door de capaciteit te benutten en effectief verbindingen te maken, dat een mens aan intelligentie wint. Een bemoedigende gedachte toch. Piekeren en gedachten in hetzelfde kringetje laten tollen heeft beslist geen verrijkend effect, je legt dan immers geen nieuwe verbindingen tenzij je een uitweg uit je hersenspinsels vindt.
Hersenen moeten net als de rest van ons lichaam worden gevoed. Omega 3-vetten, bijvoorbeeld uit vette vis, walnoten en olijven hebben een positief effect op de neuronengeleiding. Vet uit vlees scoort negatief. Glucose of trage suikers uit fruit bijvoorbeeld zijn goed voor de hersenfuncties in tegenstelling tot de snelle suikers uit snoep die de neuronenverbindingen verbranden. Volgens een Amerikaanse studie zou er zelfs een verband tussen overdosissen frisdrank en vroegtijdige dementie bestaan. Anto-oxydanten als vitamine C zijn ook nuttig voor het in conditie houden van de hersenen.
Verschillen tussen een vrouwen- en een mannenbrein zijn terug te voeren naar de verdeling van de grote en kleine hersenen in een linker- en rechterhelft. De grote hersenen zijn de zetel van het bewustzijn, de intelligentie, het geheugen, de wil en de waarneming. Al heb je wel vaker het idee dat andere plekjes in je lichaam hun eigen intelligentie hebben en dat in zekere zin ook wel zo is.
De linkerhelft van de hersenen heeft de status van het rationele denken terwijl de rechterhelft wordt geacht het intuïtieve denken mogelijk te maken. In de linkerhelft horen een reeks begrippen thuis waarin een L voorkomt, meteen een geheugensteuntje om de locatie van anaLyse, Linguïstiek, Lineair, detaiL en Logica vast te houden. Van geuR, Ritme, dRomen, kleuR, veRbanden, humoR, keRn en paRallel kan je onthouden dat ze in de rechtercortex thuis horen, trouwens samen met beeld, fantasie, symbolen, intuïtie en synthese. Maar dat laatste is te herleiden tot verbanden en kern.

Raad je plaatje

Vrouwen hebben een bredere hersenbalk waardoor ze beter dan mannen in staat zijn om beide hersenhelften tegelijk te gebruiken, wat precies het verschil uitmaakt tussen de werking van een vrouwen- en een mannenbrein. Steeds veralgemenend kan men zeggen dat het bij mannen eerder of de rechter- of de linkerhelft is die wordt ingezet. Als ze rationeel bezig zijn, laten ze zich niet afleiden door wat zich ook bij hen in de rechterhelft schuilhoudt. Vrouwen worden wel eens irrationeel genoemd omdat intuïtie, beelden, verbeelding etc. in hun zakelijk bezig zijn binnensluipen.
De verschillen tussen vrouwen en mannen stammen trouwens al uit de oertijd. Mannen gingen op jacht en focusten zich op hun prooi waar ze een tunnelzicht aan overhielden. Vrouwen bleven achter bij de groep en moesten de kinderen in het oog houden terwijl ze ook nog andere bezigheden hadden. Dat perifere zicht hebben we nog. Reden waarom vrouwen vaker dan mannen met nachtblindheid hebben af te rekenen: ze worden verblind door elk licht dat zich nog maar aan de rand van het beeld bevindt. Naast een breed perspectief hebben we nog meer aan de vrouwtjes zoogdieren en hun evolutionaire behoeften te danken, met name een goed ontwikkelde reukzin. Onze voormoeders dienden planten en kruiden op hun eetbaarheid te beoordelen en hun eigen jongen aan de geur te herkennen. In onze voorverpakte samenleving is een en ander niet meer van toepassing maar de goed functionerende reukzin mochten we gelukkig bijhouden.
Door het brede perspectief slaan vrouwen massa's beelden op, het geheugen maakt dankbaar gebruik van al dat beeldmateriaal. Om te onthouden associëren vrouwen begrippen vaak aan beelden en roepen ze op die manier makkelijk weer op. Het visueel geheugen is een kracht die expliciet kan worden ingezet om makkelijker te onthouden. Het antwoord op een examenvraag op de cursuspagina's lokaliseren om het daarna bij wijze van spreken voor onze ogen te zien afrollen. Of je de das van een spreker herinneren om je voor de geest te halen wat die ook alweer te vertellen had, de meeste onder ons zullen het herkennen.

'C'est le ton qui fait la chanson'

Aan het in elkaar overvloeien van de functies van beide hersenhelften zitten voor vrouwen duidelijke voordelen vast. Als het om taal gaat bijvoorbeeld, zitten ze heel dicht bij hun gevoel. Ze introduceren beelden, associaties, fantasie en hebben daardoor dikwijls een beeldrijker taal met een meer geïnspireerde woordenschat dan mannen.
Bij kinderen, zowel meisjes als jongens, kunnen we die eigenschap aanscherpen door hen veel verhalen te vertellen. Verhalen verweven taal met gevoelens en beelden, precies zoals de meeste vrouwen dat spontaan doen, en vormen een schat voor de rest van hun leven.
Vrouwen horen niet enkel de woorden van de gesprekspartner, ze vangen een compleet signaal op, met beeld en klank die ver buiten de puur verbale boodschap reiken. Niet zelden voelen vrouwen zich alleen al door de toon van de boodschap geraakt of gekwetst terwijl een mannelijke tegenspeler zich daar op verre na niet van bewust is. Waardoor we het risico lopen dat emoties met ons aan de haal gaan.
Op het eerste gezicht zien, horen, 'voelen' we trouwens ook een pak irrelevante dingen. Tot blijkt dat ze stof voor associaties leveren die ons wel goed van pas komen. We kunnen onsamenhangende informatie verwerken, wat ons dan weer in staat stelt om veel dingen tegelijk te overwegen, te organiseren en uit te voeren. Als je partner zijn werkdocumenten verzamelt en je hem vraagt om tegelijk ook even de krant in haar oorspronkelijke vorm te brengen, antwoordt hij meer dan waarschijnlijk: ,,Wacht even, ik ben bezig.'' Terwijl wij in één moeite door ook nog een programma in de wasmachine instellen. We kunnen letterlijk de meest uiteenlopende zaken samen beheren. Met die eigenschap is het wel uitkijken ook nog ruimte voor anderen te laten. Als we alles alleen willen beredderen wordt onze troef een gevaarlijke valstrik waar we vroeg of laat zelf oververmoeid in terechtkomen. Het vrouwenbrein heeft een schat van mogelijkheden en het is zaak om ze goed te beheren.

bron: Hilde Jaspaert, senior trainer IMP-ACT op de studiedag 'V-factor' ingericht door Kluwer-opleidingen
ook: www.brainplace.com 


Mind mapping 

Met die visuele associaties zitten we goed voor 'Mind Mapping', een manier om informatie in kaart te brengen en ze in ons geheugen op te bergen. Het systeem werd door de Amerikaan Tony Buzan ontwikkeld en bestaat erin om een centraal idee te noteren met daar rond een waaier van verwante ideeën, begrippen en associaties. Verbanden worden grafisch en met kleur benadrukt en ideeën met eigen visuele symbolen bekrachtigd. Om het geheel later te kunnen bijwerken, moet men voldoende ruimte vrij laten.
Door een eigen design aan (voor jou) betekenisvolle verbanden te geven, kun je de materie makkelijker in je hersenen opbergen en onthouden.


Woman Matters More # 2
28 maart 2003

De transparante werkelijkheid van het glazen plafond

Soms lijkt het alsof het feminisme enkel een verleden heeft. En toch, als het zich met pragmatische vraagstukken bezighoudt die voor beide seksen relevant zijn, heeft het ook een toekomst. Het 'glazen plafond' in organisaties is daarvan een voorbeeld omdat het doorbreken ervan een win-win relatie voor de hele organisatie oplevert. Een perspectief van waaruit doorgewinterde vrouwelijke leidinggevenden hun professioneel verhaal deden voor een gemengd studentenpubliek tijdens een college 'genderstudies' aan de Kuleuven.

Wat is 'vrouwelijkheid' precies en hoe beïnvloedt de opvatting daarover een bestaande werkelijkheid, is één van de vragen die genderstudies proberen te beantwoorden. Prof. dr. Veerle Draulans is titularis van het college.
'Vrouwelijkheid' wordt volgens haar ingevuld door de heersende cultuur, het individu eigent zich via socialisatieprocessen de geldende waarden toe. Denken en handelen vanuit die waarden scheppen de realiteit; in de dagdagelijkse werkomgeving van ons allemaal geeft onder meer de opvatting over wat 'vrouwelijk' is, vorm aan de werkverhoudingen.
Vrouwelijke waarden winnen trouwens terrein op de werkvloer. Emotionele intelligentie, luisterbereidheid, empathie, het zijn even zoveel 'vrouwelijke' karakteristieken die tegenwoordig onder de vereisten van goed leiderschap vallen, ook van mannen. Wat niet belet dat de klim naar een leidinggevende functie voor vrouwen moeizaam verloopt. Het 'glazen plafond' is de onzichtbare barrière die belet dat ze in hogere regionen van organisaties postvatten. Maar de doorzichtige hindernis schermt niet enkel de top af, ze kan op elk niveau de doorgroei van vrouwen beletten.

Van scepsis naar praktijkfeminisme

,,Geen sprake van dat wij met dat feministisch gedoe meedoen'', in die stijl reageerden heel wat jonge vrouwen binnen Janssen Pharmaceutica toen er gepolst werd naar de zin van vrouwvriendelijke initiatieven. ,,Het was lang een taboe-onderwerp'', vertelt verantwoordelijke voor vorming en opleiding Mieke Smet. Pas sinds een jaar of vier ontluikt de belangstelling voor diversiteit binnen de organisatie en in die sfeer brachten we 'Women's leadership' tot stand, een netwerk om vrouwen in hun loopbaanontwikkeling te ondersteunen. Geen luxe trouwens: de top van het bedrijf is exclusief mannelijk, het middenkader bestaat voor 15 procent uit vrouwen terwijl de totale populatie van medewerkers is verdeeld over 60 procent mannen en 40 procent vrouwen. De terechte conclusie luidt dat vrouwen onvoldoende naar managementfuncties doorgroeien en dat er specifieke acties op het getouw moeten worden gezet om het vrouwelijk potentieel beter te benutten.
Een genderbewust human resourcesbeleid, communicatie over het vraagstuk en netwerkkanalen kregen gestalte. ,,Ook mentoring is een heel belangrijk instrument om jonge vrouwen over de streep te trekken'', getuigt Mieke Smet. Zowel de senior als de junior leren van elkaar. Voor jonge vrouwen is het rustgevend een ervaren iemand naast je te weten als het erop aankomt keuzes te maken, onvermijdelijk bij de combinatie van werk en privé-leven. Vrouwen moeten leren aanvaarden dat kiezen ook altijd een beetje verliezen is en dat het erop aankomt om gefundeerde beslissingen te nemen. Als ze voor concrete vraagstukken staan merken mensen dat de 'vrouwenkwestie' nog steeds geen afdoend antwoord kreeg. Ook mannen raken erin geïnteresseerd omdat ze inzien dat diversiteit in het bedrijf belangrijk is voor de evolutie in de bedrijfscultuur.''

Vrouwelijkheid toegevoegde waarde in IT-omgeving

,,Respect voor het individu en work-life balance maken sinds 1953 deel uit van de waarden van IBM'', stelt corporate PR-verantwoordelijke Marianne Schouten. Dat belet niet dat het bedrijf relatief weinig vrouwen aantrekt. Een kwart van alle medewerkers zijn vrouwen, ze nemen 15 procent in van managementfuncties waar dat in andere informaticabedrijven gemiddeld 10 procent is. De doorstroming is dus behoorlijk maar gebeurt vanaf een kleine basis. Dat komt onder meer omdat nog steeds meer vrouwen in de administratie functioneren dan in de technologische functies. Jammer voor hen, want precies van daaruit groeien ze vlotter door. ,,Jammer ook voor IBM want we evolueren steeds meer naar een service-bedrijf waarin een vrouwelijke vaardigheid als communicatief luisteren een grote toegevoegde waarde biedt'', bevestigt Marianne Schouten. De IBM-leidinggevende vrouwen richtten jaren terug het Women's leadership council op waarin ze ervaringen en ideeën kunnen uitwisselen en jonge vrouwen een mentor vinden. Het aantrekken en laten doorstromen van vrouwelijke werknemers is ook een aandachtspunt voor de directie van IBM, precies omdat men zich ervan bewust is dat de complementariteit in de teams een win-win relatie creëert. De organisatie bouwde via telewerkfaciliteiten ook een verregaande mogelijkheid tot flexibel werken in. Een heel belangrijke troef voor IT-vrouwen die werk met zorgtaken combineren. Trouwens, het is bekend dat verzuchtingen op vlak van work-life balance aanstekelijk werken en mannelijke medewerkers er niet immuun voor zijn.

Een uitvoerige analyse door prof.dr. Veerle Draulans van het verschijnsel 'glazen plafond' kan u vinden in de rubriek 'Uitgelezen' op www.rosadoc.be

Tekst: Marleen De Geest 
Illustraties:
Brochure "Dienst Emancipatiezaken", Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. "Is de Vlaamse overheidsmanager ook een vrouw?"


De transparante werkelijkheid van het glazen plafond (vervolg)

Zeldzame zwaan in de academische bijt

Ook Vlaamse universiteiten blijken in eigen huis een glazen plafond te hebben.
Met slechts 6,8 procent vrouwelijke gewoon hoogleraren wordt duidelijk hoe moeilijk het voor een vrouw is om tot de hoogste rangen van het professorenkorps door te dringen. De Kuleuven wil hieraan remediëren en richtte een paar jaar geleden een centrum voor gelijke kansenbeleid in, prof.dr. Reinhilde Veugelers is aangesteld als rectoraal adviseur voor het gelijke kansenbeleid aan de Kuleuven. In een eerder rapport van het centrum voor gelijke kansenbeleid met daarin talrijke getuigenissen van vrouwelijke wetenschappelijke medewerkers wordt de genderdiscriminatie omschreven als een complex en soms verdoken probleem. Reden voor het centrum voor gelijke kansenbeleid om de problematiek eerst en vooral zichtbaar te willen maken en doorheen alle faculteiten een sensibiliseringscampagne op te zetten.
Wat zijn de oorzaken van de moeilijke doorstroming van vrouwen in het academisch milieu? Het verhaal begint met de instroom van studenten waarbij de beide seksen gelijk zijn verdeeld, echter niet wanneer ze zich over de faculteiten verspreiden. Meisjes kiezen nog steeds vaker voor humane wetenschappen en talen en jongens voor meer wetenschappelijke richtingen. Echt vervrouwelijkte faculteiten zijn psychologie en pedagogie waar meisjes drie vierden van de populatie uitmaken. Een opvallend verschil met wetenschappelijke richtingen en economie waar meisjes respectievelijk 37,4 en 38,4 procent vertegenwoordigen. In faculteiten met een groot aantal meisjesstudenten doceren meer vrouwelijke professoren, waarmee het verband tussen de in- en doorstroming meteen is geïllustreerd.
Dat betekent niet dat vrouwelijke professoren uit deze faculteiten het in het breder academisch milieu zo makkelijk hebben. Hun onderzoeksdomein wordt vaak minder ernstig genomen dan de 'harde' items uit wetenschappelijke richtingen. Ook naar de studenten toe hanteren ze een meer begeleidende tot zelfs 'bezorgde' stijl, iets wat in de eigen carrièreverloop minder gunstig doorwerkt dan veel publicaties afleveren.
De schaarse vrouwen in wetenschappelijke richtingen voelen zich dan weer tegelijk geïsoleerd en geviseerd. Ze moeten vaak meer publiceren dan hun mannelijke collega's en hun 'fouten' riskeren te worden uitvergroot.
De 'objectieve' regels en procedures in de academische loopbaan worden door vrouwen en mannen verschillend toegepast waarbij het gebeurt dat mannen voor hun 'creatieve' vertaling worden beloond. Het centrum voor gelijke kansenbeleid vindt het sekseneutraal maken van de procedures dan ook een voorwaarde om het glazen plafond in de universiteit te slopen. Noest vorsingswerk en goed doceren helpt vrouwen niet altijd vooruit omdat de cultuur en de structuur van de instelling door invloedrijke mannen wordt gedomineerd.
Commissies en raden die over benoemingen beslissen, bestaan voor het overgrote deel uit mannen. Er zijn weinig rolmodellen voor het vrouwelijk zelfstandig academisch personeel en de mogelijkheden om te netwerken zijn daardoor ook geringer. En dan is er natuurlijk nog de combinatie gezin en professioneel leven. Vrouwelijk academische personeel heeft sterk de indruk dat hun eindverantwoordelijkheid thuis hen een achterstand geeft in hun academische loopbaan. Het voelt wel wat voor de invoering van het levensloopmodel waarbij levens- en loopbaanfasen beter op elkaar worden afgestemd.

Betaald om geëmancipeerd te zijn

,,Ik ben de enige die betaald wordt om me met gelijke kansen voor vrouwen bezig te houden'', grapt San Eyckmans, opdrachthoudster emancipatiezaken bij de Vlaamse gemeenschap. Haar domein strekt zich trouwens uit over gelijke kansen voor beide seksen, personen met een handicap en allochtonen. Eyckmans put uit de studie 'Is de Vlaamse overheidsmanager ook een vrouw?' die vorig jaar in opdracht van de dienst emancipatiezaken door Deloitte en Touche werd uitgevoerd.
De Vlaamse overheidsadministratie kampt, hoewel ze een platte organisatiestructuur heeft, met een tekort aan kandidaten voor de functie van afdelingshoofd. Dat onder meer is een dringende reden om het vrouwelijke potentieel beter te benutten. Maar ook de vaststelling via een onderzoek van de HRM-afdeling dat vrouwelijke leidinggevenden voor communicatieve vaardigheden beter scoren dan hun mannelijke collega's. Momenteel telt het personeelsbestand 39 procent vrouwen, ze maken net geen 22 procent uit van de leidinggevenden, bij de 25 directeuren-generaal zijn er 3 vrouwen. Het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap vervrouwelijkt: hun aandeel in de instroom is met 56 procent groter dan hun huidige vertegenwoordiging in het personeelsbestand. Maar het aandeel vrouwen in de rekruteringspool voor afdelingshoofden is kleiner dan het huidige percentage vrouwelijke afdelingshoofden zodat ze in de toekomst met minder zullen zijn.
Een leidinggevende functie schrikt zowel vrouwen als mannen af al tonen vrouwen zeker niet minder ambitie dan mannen; respectievelijk 43 procent vrouwen en 40 procent mannen heeft wel belangstelling voor een beleidsfunctie. Veel stress door zware werkdruk, moeilijke combinatie gezin en arbeid en belasting door veranderingsprocessen zijn drie factoren die door vrouwen en mannen worden aangehaald als stoorzenders.
Het afstemmen van een haalbaar takenpakket op de combinatie met een privéleven dringt zich als eerste voorwaarde op om meer mensen over de streep te trekken. San Eyckmans geeft aan dat in dat opzicht de intenties van de organisatie een fraaier beeld geven dan de praktijk. Flexibel werken uit zich meer in 's avonds langer doorwerken dan in 's ochtends later op kantoor opdagen.
Deeltijds leidinggeven en vanuit telewerk stuit op nogal wat weerstand in de hiërarchie, alleen al de diep ingegraven vergadercultuur staat die trend in de weg.
Opvallend is ook dat vrouwen het gelijke kansenbeleid niet echt in hun hart dragen. Ze menen dat ze als ze dat wensen wel op eigen kracht en op basis van hun merites zullen doorgroeien en schakelen een gelijke kansen beleid vaak gelijk met positieve discriminatie.

Tekst: Marleen De Geest 
Illustraties:
Brochure "Dienst Emancipatiezaken", Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. "Is de Vlaamse overheidsmanager ook een vrouw?"


De transparante werkelijkheid van het glazen plafond (vervolg)

Vriendelijk vragen loont niet

Ann Demeulemeester is algemeen secretaris bij het ACW, de koepel van Christelijke werknemersorganisaties, op het KAV na, een mannelijk bolwerk vindt ze zelf. Aan het eind van de jaren '90 wilden vrouwen zich echter meer profileren binnen de organisatie en naar buiten toe. Daartoe ontstond er een consensus om waar mogelijk vrouwen als spreker, deskundige, publiciste naar voor te schrijven. De organisatie spitste zich ook toe in de opvolging van vrouwenthema's, bijvoorbeeld zoals ze werden geformuleerd in de Vrouwenconferentie in Peking.
Maar behalve dat werd de bekommernis om vrouwen meer zichtbaar te maken ook vertaald als 'vrouwen zouden op elk niveau van de organisatie evenredig moeten zijn vertegenwoordigd', een diversiteit die de organisatie ten goede komt. Ann Demeulemeester moet vaststellen dat het streven nog niet echt werd gerealiseerd. Daar zijn verschillende redenen voor: er blijkt geen breed draagvlak voor te vinden te zijn en het idee werd te voluntaristisch benaderd. Waarmee de ervaring in andere bedrijven en organisaties wordt bevestigd, de doorgroei van vrouwen gebeurt niet vanzélf. Quota eisen blijkt meer effectief dan vriendelijk vragen of je er ook bij mag horen. Bovendien blijft de weerstand overeind, een gezinsvriendelijk personeelsbeleid en inzetbaarheid zijn een precaire combinatie, zo vreest men nog steeds.
Anderzijds zijn ook vrouwen terughoudend. De informele sfeer in de organisatie is niet echt vrouwvriendelijk, vrouwen voelen zich nog steeds niet honderd procent op hun gemak in de vergadercultuur en met het typische jargon dat er wordt gehanteerd. Ze voelen zich ook geïsoleerd.
De resultaten van de inspanningen om vrouwen meer zichtbaar te maken, blijven in ieder geval beperkt, moet Ann Demeulemeester toegeven. Ook al is er sprake van een gestadige vooruitgang. Het blijft een boeiend gegeven en het is prettig om vrouwen rond het thema te mobiliseren en ze creatief en strijdbaar te houden.

Mooie theorie en moeizame praktijk

'Mooie theorie, maar hoe hebt uzelf stand gehouden in de moeilijke combinatie van werk en privéleven?' Uit deze afrondende publieksvraag aan het eind van het panelgesprek over het 'glazen plafond' blijkt dat de studenten zich niet in de eerste plaats zorgen maken over de barrières in het bedrijf maar eerder op de eigen beperkingen vrezen te stoten.
Mieke Smet van Janssen Pharmaceutica onderstreept dat een vrouw die een veeleisend professioneel en gezinsleven wenst te combineren niet zonder de inbreng van haar partner kan. Bovendien mag men zich geen illusies maken, keuzes maken, betekent altijd dat men iets moet laten vallen. Het is daarom zo belangrijk dat men kiest voor iets wat men echt graag doet. In haar eigen werkomgeving heeft ze de indruk dat jonge vrouwen professioneel eerder een stapje terug doen terwijl de mannelijke collega's er voluit voor gaan.
San Eyckmans, opdrachthoudster emancipatiezaken bij de Vlaamse Gemeenschap, stelt dat ook mensen zonder gezin de ratrace wel eens verlaten. Professionele verwachtingen moeten realistisch zijn. Je kunt niet in 'overdrive' blijven functioneren.
Nationaal secretaris van het ACW Ann Demeulemeester vertelt dat haar job zo ongeveer met haar levenswerk samenvalt en ze er ook haar levensvisie in kwijt kan. Dat geeft misschien wel vleugels maar maakt de keuze voor een beleidsfunctie nog niet evidenter. ,,Het is geen theoretische keuze, wel een met concrete consequenties!'' Ook zij kan erop rekenen dat haar partner bijspringt maar het blijft organiseren en rennen.
Reinhilde Veugelers, professor en rectoraal adviseur voor het gelijke kansenbeleid aan de Kuleuven zegt een gedreven onderzoekster te zijn. ,,Ik heb mijn werk nodig om een goede echtgenote en moeder te zijn'', vertelt ze. Maar de partner moet natuurlijk zijn steentje bijdragen, daarvoor ben je tenslotte ook met twee...

Tekst: Marleen De Geest 
Illustraties:
Brochure "Dienst Emancipatiezaken", Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. "Is de Vlaamse overheidsmanager ook een vrouw?"



6minutes woman matters is een uitgave van Grid Electronic Publishing Consultancy
Coördinatie: Toon Lowette en Leo Van Dorsselaer
e-mail: info@6minutes.net
Redactie: Marleen De Geest - Reacties en persberichten: editor@6minutes.net


6minutes navigatie  6minutes navigation

6minutes.net